Reactie gemeente Gooise Meren op teruggeven opdracht Kinderboerderij ’t Mouwtje
De gemeente Gooise Meren heeft kennisgenomen van het besluit van de Stichting Behoud en Beheer Kinderboerderij en Hertenkamp Naarden om de opdracht voor het beheer en de exploitatie van Kinderboerderij ’t Mouwtje en de dierenweides terug te geven.
Gemeente betreurt besluit
De gemeente is verrast door dit besluit en betreurt dat de samenwerking niet heeft geleid tot de heropening van de kinderboerderij en dierenweides. De stichting geeft aan dat de kwaliteitseisen die voortvloeien uit landelijke wet- en regelgeving, en de daarbij behorende verantwoordelijkheden, volgens haar niet passen binnen de mogelijkheden van een organisatie die volledig op vrijwilligers draait.
De gemeente vindt het jammer dat dit besluit op dit moment is genomen. Tot voor kort was zij nog in gesprek met de stichting over de begroting en de laatste stappen richting uitvoering van de opdracht. Tegelijkertijd respecteert de gemeente de afwegingen die het bestuur van de stichting heeft gemaakt.
Inzet blijft gericht op snelle heropening
De gemeente blijft zich inzetten voor een toekomstbestendige invulling van Kinderboerderij ’t Mouwtje en de dierenweides. Daarbij staan dierenwelzijn, veiligheid en een duurzame exploitatie voorop.
Ook de educatieve functie van de kinderboerderij blijft voor het gemeentebestuur een belangrijk uitgangspunt. Kinderboerderijen bieden kinderen en andere bezoekers de mogelijkheid om dieren van dichtbij te beleven en meer te leren over natuur, dieren en hun leefomgeving.
Wethouder Van Roemburg:
‘Wij vinden het erg jammer dat de stichting heeft besloten de opdracht terug te geven. Tegelijkertijd respecteren wij de afweging die het bestuur heeft gemaakt. Onze inzet blijft onverminderd gericht op een snelle heropening van ’t Mouwtje en de dierenweides, waarbij dierenwelzijn voorop staat en de educatieve functie van de kinderboerderij behouden blijft. We gaan ons nu beraden op de vervolgstappen, zodat we zo snel mogelijk duidelijkheid kunnen geven over de toekomst en heropening van de locaties. Daarbij blijven wij in gesprek met betrokken partijen.’